De soortenlijst van de Phasmid Study Group

Veel kwekers en liefhebbers van wandelende takken en bladeren maken gebruik van de "soortenlijst van de Phasmid Study Group, de PSG lijst". Dit is een lijst met basale informatie over soorten die in cultuur zijn of ooit in cultuur geweest zijn. Door veel kwekers wordt deze lijst, die regelmatig wordt aangevuld, als referentie gehanteerd.

In de uitleg van de soortenlijst wordt vermeld dat nakweek gratis bij de Phasmid Study Group verkregen kan worden tegen vergoeding van porto kosten nakweek. Deze faciliteit is echter alleen beschikbaar voor de leden van de Phasmid Study Group. Voor meer informatie, bekijk de site van de Phasmid Study Group.

 

Bekijk de vernieuwde PSG lijst maart 2010

 

Uitleg bij de soortenlijst

Wetenschappelijke naam

Indien de soort geclassificeerd is tot op het soortniveau, dan geeft deze kolom deze naam weer. Deze naam wordt ook gebruikt in de PSG Newsletters.

Aantekeningen

1. Wijze van voortplanting:
S = Geslachtelijk.
P = Parthenogenetisch.
P* = Parthenogenetische in nakweek, verondersteld wordt dat geslachtelijke voortplanting wel plaats vindt in de vrije natuur.

2. Toestand van de kweek culturen:
C = Tenminste één gevestigde cultuur gerapporteerd.
T = Voorlopige kweek.
L = Verloren (geen culturen gerapporteerd).

3. Grootte van de soort:
S = tot 10cm.
M = 10 tot 15cm.
L = meer dan 15cm.

4. Vleugels:
W = tenminste één geslacht kan vliegen of zweven.
w = Vleugels aanwezig in één of beide geslachten, doch beiden geslachten kunnen niet vliegen.

Geschikte voedselplanten

Indien het van een soort bekend is dat deze een zeer duidelijke voedselplanten voorkeur heeft, terwijl deze moeilijkheden heeft met andere planten die normaal gebruikt worden, dan wordt de plant met de hoogste voorkeur eerst genoemd en wordt deze aanbevolen als voedselplant voor pas uitgekomen nimfen. In alle andere gevallen is de lijst in alfabetische volgorde. De lijst is niet uitgebreid, de meeste soorten die braam eten zullen ook hagedoorn, vuurdoorn, framboos, roos en andere leden uit Rosaceae eten.

A. = Acacia.
B. = Braam.
E. = Eucalyptus.
F. = Varens.
Fu. = Fuchsia
H. = Meidoorn.
I. = Klimop.
L. = Groenten.
O. = Eik.
P. = Liguster.
Py. = Vuurdoorn.
Ra. = Framboos.
Rb. = Gewone Acacia.
Rh.= Rododendron.
Ro. = Roos.

Soortbeschrijving

Deze kolom geeft het nummer weer van de "Phasmid Study Group Newsletter" of van "Phasmid Studies", waarin een verslag van de betreffende soort is weergegeven.

Volledige verslagen in de Newsletter zijn vermeld met het nummer van de uitgave, b.v. 47; een nummer tussen haken geeft het nummer van de uitgave en het pagina nummer weer van een korte aantekening in de Newsletter, b.v.  (63:3).
Onderwerpen in Phasmid Studies worden weergegeven met de letter P, gevolgd door het volume nummer en het pagina nummer, b.v. P1:2.
Verslagen in "Le Monde des Phasmes" worden weergegeven met de letter M gevolgd door het volume nummer en het pagina nummer, b.v. M29:15. Deze zijn vermeld indien het verslag niet verschenen is in Phasmid Studies of de Newsletter.

Toestand van de kweek culturen

De toestand van de kweek culturen is gebaseerd op de laatste sensus, die regelmatig wordt vernieuwd, met veranderingen op die plaatsen waar de toestand van de kweek culturen is gewijzigd. Niet alle census formulieren worden altijd terug ontvangen, zodat het mogelijk is dat sommige soorten onterecht gekenmerkt zijn als verloren. Zie voor details de site van de Phasmid Study Group.

Het is mogelijk dat sommige soorten zijn verloren, terwijl zij gemerkt zijn als gevestigd. Gelieve deze kolom eerst na te kijken alvorens om nakweek gevraagd wordt en ben ervan verzekerd dat GEEN NAKWEEK WORDT AANGEVRAAGD VAN SOORTEN DIE REEDS VERLOREN ZIJN GEGAAN - deze zijn niet beschikbaar.

Luchtvochtigheid

Het volgende is een algemene leidraad voor de voorkeur van soorten met betrekking tot de luchtvochtigheid. De gewenste condities kunnen variëren, afhankelijk van de leeftijd van het insect, in het bijzonder, volwassen individuen en grote nimfen kunnen een lagere luchtvochtigheid verdragen dan kleine nimfen.
Indien u begint met een soort welke nieuw is voor u ga dan na waar de cultuur vandaan komt en zoek uit hoe het natuurlijke leefklimaat van de soort is.

  • 1 Een hoge luchtvochtigheid noodzakelijk (bijna geheel ingesloten). Alle Heteropteryginae en Eurycanthinae.
  • 2 Een vrij hoge luchtvochtigheid aanbevolen. De meeste soorten van het tropisch regenwoud, b.v. Borneo, Nieuw Guinea, Java, Peru. Echter, zeer grote soorten uit deze gebieden kunnen een weinig lagere luchtvochtigheid verdragen.
  • 3 Lage luchtvochtigheid essentieel (d.w.z. een zeer goed geventileerde kooi, b.v. geheel van horregaas). Alle Europese soorten (Bacillus & Clonopsis).
  • 4 Lage luchtvochtigheid gewenst (het is bekend dat soorten lijden onder een hoge luchtvochtigheid) Baculum insignis.
  • 5 Gemiddelde luchtvochtigheid in het algemeen accepteerbaar. Alle andere soorten.
  • 6 Over Phyllium spp. bestaan veel verschillende opinies.